07-09-07

Indianen uit Ecuador

Otavalo

Traditionele handel: Hoog in de Ecuadoriaanse Andes ligt de valleistad Otavalo, waar de markt al honderden jaren talloze bezoekers lokt. De inwoners spreken Quichua, een van de talen van het oude Incarijk en vele van hun gewoonten en rituelen zijn geworteld in die oude en krachtige cultuur. Later werden ze sterk beïnvloed door de Spaanse kolonisten, die gebruikmaakten van hun traditionele ambachten en weefkunst en hun ook nieuwe zaken leerden en toegang verleenden tot grotere markten in andere werelddelen. Tegenwoordig behoren de bewoners van Otavalo tot de welvarendste inheemse groepen van heel Zuid-Amerika.

Een blijvende cultuur: De inwoners van Otavalo verwierven welvaart door hun omgang met de mestiezen (nakomelingen van indianen en Spanjaarden) en de verdere buitenwereld, maar behielden een groot identiteitsbesef. Niet alleen hun taal, maar ook hun huizen, kleren, ambachtskunsten en cultuur zijn geworteld in de inheemse traditie.

Keuken: Ecuador is een vruchtbaar land; op rijke bodem groeien vele soorten groenten en fruit. Dit meisje bereidt een kalebas, een lange pompoen die hier al duizenden jaren wordt verbouwd. Volgroeid zijn die niet eetbaar, maar jong kunnen ze op diverse manieren worden bereid.

Panfluit: De panfluit is populair in de hele Andes en wordt hier gemaakt van riet van verschillende lengten, samengebonden met plantaardig vezel. Deze man uit Otavalo speelt op een vrij klein exemplaar maar sommige grotere hebben wel 30 pijpen.

Shoppen op zaterdag: Er zijn twee grote markten in Otavalo: een met levensmiddelen, dieren en huishoudmateriaal voor de inwoners en een met stoffen en ambachtswerk voor toeristen. Zaterdag is marktdag en vele kramen gaan al voor zonsopgang open. Halverwege de ochtend sluit de plaatselijke markt en voor de middag ook die voor toeristen.

Cavia’s voor de pan: Bijzondere aandacht wordt besteed aan het kiezen van een van de belangrijkste aankopen: levende cavia’s of cuys. Die diertjes lijken op konijnen met kleine oren en worden gehouden als huisdier tot zich een speciale gelegenheid voordoet. Dan worden ze geslacht en bereid voor het feestmaal.

Traditioneel werk: Kleding en huishoudelijke stoffen spelen een belangrijke rol in de ambachtelijke traditie van Otavalo. Hier maakt een kleermaker dankbaar gebruik van een moderne naaimachine. Achter hem hangt een selectie van kleurrijke tapijten van de wol van lama’s en alpaca’s. beide Andesdieren zijn verre verwanten van de kameel.

Hoeden op: Zoals bij vele volkeren die lange tijd zijn blootgesteld aan fel zonlicht, worden ook hier hoeden gedragen, die ambachtelijk worden vervaardigd. Twee van de meest populaire vormen zijn de bleke, geweven panamahoed en de sombrero, die onder druk wordt gemaakt van vochtig vilt.

16:04 Gepost door Namens het Opperhoofd in De stammen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

05-09-07

Indianen uit Chili & Noord-Argentiniƫ

Mapuche

Eeuwenlang domineerde de Mapuchecultuur ( de naam betekent ‘volk van de aarde’) het ruige landschap van het huidige Chili en Noord-Argentinië. Toen de Spanjaarden hier aankwamen, weigerden de Mapuche zich aan hen te onderwerpen, maar gebruikten zelf wel vlug de onbekende paarden en runderen die de invallers met zich meebrachten. Ze verloren uiteindelijk hun onafhankelijkheid aan de militairen in het midden van de 19de eeuw, maar dit trotse volk heeft nog steeds een sterke eigen identiteit, religie, familiestructuur en taal. De Mapuche noemen hun land Waj Mapu, wat betekent ‘ de hele aarde’ en hun taal Mapudungun, ‘ de taal van de aarde’.

Meesters van hun universum:

Het gebied van de Mapuche is niet alleen ruw, maar ook uiterst gevarieerd, van bergen en dalen tot kustvlakten. De Mapuche wisten te blijven bestaan en welvaart te verwerven doordat ze zich aan die verschillende terreinen hebben aangepast. Ze leerden er jagen en aan landbouw doen, en ontwikkelden sterke sociale structuren op basis van uitgebreide families of lofs.

Vrouwelijke Sjamaan:

Mapuchepriesters of sjamanen, machis genaamd, zijn altijd vrouwen. Deze staat voor een heuveltje dat al een heilige plek is voor de komst van de Spanjaarden. Erbovenop staat een beeld van de aanvoerder Caupolican.

Koloniale erfenis:

De introductie van paarden en runderen door de Spanjaarden had een grote invloed op de Mapuche. De paarden zorgden vooral voor grotere mobiliteit, zodat ze beter konden jagen en vechten. In de vlakte werd en bleef veehandel bovendien een belangrijke bron van inkomsten voor de Mapuche.

Huiselijk leven:

In een familiewoning of ruca wordt het eten bereid op een open vuur. Huiselijke taken zoals koken en voor de kinderen zorgen zijn het terrein van de vrouwen, die ook de zeden en gewoonten in ere houden en doorgeven aan de volgende generatie.

Familiewoning:

Rucas hebben een steil strodak dat tot op de muren reikt. Traditioneel worden Rucas naar het oosten gebouwd. Volgens het geloof van de Mapuche is het oosten de bron van alle levenskrachten, want daar komen de zon, de maan en de sterren op.

Mannenwerk:

Alle buitenwerk is voor de man, die hoofd van de familie is. Hier verzamelt een hardwerkende boer in de oogsttijd schoven rijp graan op een van de landbouwperceeltjes rond een verzameling Rucas. Naast tarwe worden ook maïs, aardappelen, bonen, pompoenen en pepers geteeld. (+foto)

Jaarlijkse zegening:

Jaarlijks vieren de Mapuche hun voornaamste feest: Nguillatun. Dat zeggen ze dank voor het welzijn van de gemeenschap, bidden voor haar veiligheid en vragen de goden om een overvloedige oogst en gezond, vruchtbaar vee.

Samen Spelen:

Teamactiviteiten zoals dit spelletje palin zorgen voor een band tussen de Mapuchegemeenschappen en bevestigen hun identiteit. Zoals hockey wordt palin gespeeld met een gebogen stick of weño en een balletje. De wedstrijden gaan tussen vrienden of dienen om geschillen te beslechten.

Sociale structuur:

De Mapuchemaatschappij bestaat uit groepen van verwante gezinnen, de lofs, eerder dan uit steden en dorpen. Elke lof bestaat uit 15 tot 20 families onder leiding van een lonko of hoofdman. Hier gaan twee generaties Mapuchemannen op weg in de eenvoudige wollen kleren die traditioneel worden geweven door de vrouwen en meisjes van de lof.

09:31 Gepost door Namens het Opperhoofd in De stammen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

04-09-07

Indianen uit Columbia

Kogi

Hoeders van de wereld: De Kogi zijn afkomstig van de Sierra Nevada de Santa Marta in Noor-Colombia en een van de weinige inheemse indianenstammen die niet door de Spanjaarden werden onderworpen. De Kogi stammen af van de geavanceerde Tairona-beschaving, die meer dan 1000 jaar gelden bloeide, en geloven dat hun berg de ‘plaats der schepping’ is en ‘het hart van de wereld’. Ze beschouwen zichzelf als de ‘oudste broeders van de mensheid’ en beschouwen de zorg voor onze planeet als hun heilige plicht. Dit zeer spirituele volk hecht groot belang aan communicatie met alles rondom hen via woorden en daden, maar ook via gedachten en intuïtie.

De plaats der schepping: Het land van de Kogi is gescheiden van de rest van het continent, in een berggebied bij de Caraïbische kust. Dit verlicht volk heeft eeuwenlang de rijken van geest en lichaam verkend. Ze geloven dat als de mensheid (die zij hun ‘jongere broer’ noemen) hun heilige thuisland enige schade berokkent, de hele wereld verdoemd zal zijn.

Altijd onderweg: Kogifamilies blijven niet op één plaats, maar verhuizen tussen verschillende hoogten, op het ritme van de seizoenen en van de vruchtbaarheid van hun land. Paarden zijn het belangrijkste vervoermiddel in dit steile landschap, dat wordt doorkruist door smalle paden in plaats van wegen.

Zorg voor de natuur: De Kogi zijn ervan overtuigd dat gewassen die door mannen worden geteeld minder goed groeien, omdat vrouwen een sterkere en directere band hebben met vruchtbaarheid en groei. De families trekken rond, van seizoen tot seizoen, omdat ze zo het meeste uit het land dat ze bewerken kunnen halen zonder het uit te putten.

Schelpen rapen: Een ouderling verzamelt schelpen op het strand voor een van de belangrijkste rituelen van de Kogi: het kauwen van cocabladeren door de volwassen mannen. Verbrande schelpen leveren fijn wit kalkpoeder op. Vermengd met bladeren en speeksel helpt dat het werkzame bestanddeel van de coca opnemen.

Regels en leiders: De leidende figuren van de Kogi worden ‘mamas’ genoem (van mamos = zon) en zijn altijd mannen. Ze zijn genezers, priesters en rechters. Ze worden uitgekozen vanaf hun geboorte en dan worden ze 18 jaar lang opgeleid, vooral in grotten waar ze geen daglicht te zien krijgen. Deze mama houdt een popora vast, een uitgeholde kalebas voor kalkpoeder.

Symbolische gebouwen: De constructie van de hutten houdt verband met de spiritualiteit van de Kogi. Omdat ze geloven dat het universum uit negen niveaus bestaat, krijgt ieder dak negen strolagen, die nauwgezet gekruist worden aangebracht.

Draagtassen: Kogivrouwen kweken cactus en weven de vezels tot tassen die mochilas heten. De mannen dragen die over hun borst. Ze bevatten cocabladeren, die met andere mannen worden gedeeld als begroetingsritueel.

Gescheiden levens: Kogifamilies komen samen in het dorp wanneer ze nieuwtjes willen uitwisselen of samen beslissingen moeten nemen. De mannen brengen er een groot deel van hun tijd door in de nuhue (‘mannenhuis’ of ‘wereldhuis’), het grootste en mooiste gebouw. Ook tijdens het werk op het land leven ze gescheiden: de mannen in één hut, vrouwen en kinderen in een andere.

23:24 Gepost door Namens het Opperhoofd in De stammen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |